Voorleestijd: Sinterklaas en Pieten boeken top-10

Het is bijna Sinterklaas! Een mooie tijd om voor te lezen over Sinterklaas en zijn Pieten. Met je kind op schoot een boekje lezen is gezellig en heel leerzaam. Onderzoek wijst uit dat het niet alleen goed is voor de taal- en spraakontwikkeling, maar ook voor de concentratie. Daar heeft je kind zijn leven lang plezier van. 

Er gaan veel kinderboeken over Sinterklaas. Mellanie Burger van het CJG (kersverse moeder) maakte voor jou een selectie van de populairste boeken.

  1. SinterWoezel en Pietje Pip (Guusje Nederhorst): voor kleintjes vanaf zo’n 2,5 jaar.
  2. Sinterklaas (Charlotte Dematons): voor kinderen van ongeveer 4 jaar.
  3. Bobbi viert Sinterklaas / Bobbi viert kerst (omdraaiboek, Monica Maas): voor peuters vanaf 2 jaar.
  4. Het boek van Sint (Nicolle van den Hurk): voor kinderen vanaf ongeveer 5 jaar.
  5. Het Sinterklaasboek voor peuters en kleuters (Marianne Busser en Ron Schröder): voor kinderen vanaf 3 jaar.
  6. Aadje Piraatje en de stoomboot van Sinterklaas (Marjet Huiberts): voor kinderen vanaf 4 jaar.
  7. Zie de maan schijnt door de bomen (boek inclusief cd, Mies van Hout): voor kinderen vanaf 1 jaar.
  8. Het vrolijke Sinterklaas voorleesboek (Marianne Busser en Ron Schröder): voor kinderen vanaf ongeveer 4 jaar.
  9. Nog 13 nachtjes wakker liggen dan is het Sinterklaas (Erik van Os, Ted van Lieshout en Elle van Lieshout): voor kinderen vanaf ongeveer 4 jaar.
  10. De spiekpietjes (boek inclusief poppen, Thaïs Vanderheyden): voor kinderen vanaf ongeveer 1 jaar.

Voorleestips
Een paar tips voor tijdens het lezen:

  • Lees het boek op een rustige plek of op een gezellig moment op de dag.
  • Bekijk samen de kaft en maak je kind nieuwsgierig.
  • Voorspel samen het verhaal. Vraag op spannende momenten aan je kind hoe het verhaal verder zou kunnen gaan.
  • Praat tijdens het voorlezen met je kind over het verhaal. Geef hem de ruimte om zijn verhaal te vertellen.
  • Besteed aandacht aan moeilijke woorden. Bedenk welke woorden moeilijk zijn. Kent je kind het woord niet, help dan.
  • Maak het verhaal levendig. Bijvoorbeeld door ondersteunende geluiden of bewegingen of vraag je kind om iets (voor) te doen.
  • Lees het boek vaker voor. Je kind leert iedere keer weer iets nieuws.